Wat is MCP?
Het Model Context Protocol is een open standaard die beschrijft hoe een AI-assistent met een extern systeem praat. Eén taal, zodat niet ieder AI-platform en ieder systeem een eigen koppeling hoeft te bouwen.
Het probleem dat het oplost
Een taalmodel kan uit zichzelf niets doen. Het leest tekst en schrijft tekst. Wil je dat het een bestand opslaat, een agenda raadpleegt of een database bevraagt, dan moet iemand een brug bouwen tussen het model en dat systeem. Tot eind 2024 bouwde iedereen die brug zelf, per platform en per systeem. Wie zijn tool wilde aanbieden aan Claude, ChatGPT én Gemini, schreef drie koppelingen.
MCP haalt die vermenigvuldiging weg. Een systeem publiceert één keer een MCP-server. Elk AI-platform dat de standaard spreekt, kan er vervolgens mee werken. De vergelijking die vaak wordt gemaakt is USB-C: één stekker, veel apparaten. Een preciezere vergelijking is het Language Server Protocol uit de programmeerwereld, waar één protocol ervoor zorgde dat elke editor met elke programmeertaal kon werken.
Drie rollen
Een MCP-opstelling heeft altijd drie partijen:
- Host: de applicatie waarin jij werkt en waarin het taalmodel draait, bijvoorbeeld de Claude-app, ChatGPT of Le Chat.
- Client: het onderdeel van de host dat de verbinding met één server onderhoudt. Een host kan meerdere clients tegelijk open hebben.
- Server: het programma dat de tools en gegevens aanbiedt. De MCP-server van WebOké is zo'n server; hij draait op
mijn.weboke.nl.
Belangrijk voor het vertrouwen: de server bepaalt wat er kan. Hij publiceert een lijst met handelingen, met per handeling een naam, een omschrijving en welke invoer nodig is. Het model kan alleen kiezen uit die lijst. Staat "bestand verwijderen" er niet op, dan bestaat die mogelijkheid simpelweg niet, hoe overtuigend de vraag ook is.
Wat een server kan aanbieden
De standaard kent drie soorten aanbod van een server, "primitives" in het jargon:
- Tools: handelingen die het model mag uitvoeren. Een tool heeft een naam, een beschrijving en een schema voor de parameters. Dit is wat WebOké aanbiedt:
pakketten_lijst,bestanden_lijst,bestand_lezen,bestand_schrijvenenmap_aanmaken. - Resources: gegevens die het model mag lezen als context, zoals een document of een configuratie, zonder dat er een handeling aan vastzit.
- Prompts: kant-en-klare instructiesjablonen die de server meegeeft, bijvoorbeeld "controleer deze site op gebroken links".
Andersom kan een server ook iets van de client vragen: om het taalmodel zelf een deelvraag te laten beantwoorden (sampling) of om de gebruiker een aanvullende vraag te stellen (elicitation). Sinds begin 2026 kan een tool bovendien een stukje interface teruggeven dat in het chatvenster wordt getoond; dat heet MCP Apps.
Hoe een sessie verloopt
Onder de motorkap is MCP een reeks berichten in JSON-RPC 2.0, een simpel formaat voor "roep functie X aan met deze parameters" en "hier is het antwoord". Een sessie gaat in vaste stappen:
- De client stuurt
initializemet zijn protocolversie en wat hij zelf kan. - De server antwoordt met zijn naam, versie en welke primitives hij ondersteunt.
- De client vraagt de toollijst op met
tools/list. Vanaf nu weet het model wat er kan. - Wanneer het model een tool wil gebruiken, stuurt de client
tools/callmet de naam en de argumenten. De server voert uit en antwoordt met het resultaat, of met een fout.
Zo ziet stap 4 eruit wanneer Claude via de WebOké-server een bestand opslaat:
{
"jsonrpc": "2.0",
"id": 7,
"method": "tools/call",
"params": {
"name": "bestand_schrijven",
"arguments": {
"pakket_id": 203612,
"pad": "/domains/testnaam2.nl/public_html/index.html",
"inhoud": "<!DOCTYPE html> …",
"overschrijven": false
}
}
}
En het antwoord van de server:
{
"jsonrpc": "2.0",
"id": 7,
"result": {
"content": [
{ "type": "text", "text": "Opgeslagen: /domains/testnaam2.nl/public_html/index.html (1001 bytes)" }
]
}
}
Het model ziet dus niet jouw server, jouw wachtwoorden of jouw DirectAdmin. Het ziet een functienaam, een paar parameters en een tekstueel antwoord. Alles daartussen is het werk van de server.
Lokaal of op afstand
Een MCP-server kan op je eigen computer draaien, naast de AI-app, of ergens op internet. In het eerste geval praten ze via de standaard in- en uitvoer van het proces (stdio). In het tweede geval via HTTPS, in een variant die de standaard "Streamable HTTP" noemt. De server van WebOké is van het tweede type: je hoeft niets te installeren, alleen een adres en een token in te vullen.
Voor servers op afstand schrijft de standaard OAuth 2.1 voor als aanmeldmethode, met tokens als eenvoudiger alternatief voor toepassingen waar dat past. Elke koppeling is persoonlijk: jouw token geeft toegang tot jouw pakketten, niet tot die van een ander.
Waar het vandaan komt
Anthropic, het bedrijf achter Claude, publiceerde MCP in november 2024 als open standaard. Binnen een paar maanden namen OpenAI, Google en Microsoft het over, en in de loop van 2025 volgden de meeste ontwikkeltools en een groeiende lijst van bedrijven met een eigen server.
In december 2025 droeg Anthropic het protocol over aan de Agentic AI Foundation, een fonds onder de Linux Foundation dat het samen met onder andere OpenAI en Block heeft opgericht. Daarmee is MCP niet langer het protocol van één leverancier. De specificatie krijgt datumversies (zoals 2025-11-25) en wordt doorontwikkeld via openbare voorstellen. Prioriteiten voor 2026 zijn onder meer bedrijfsauthenticatie, audittrails en schaalbaarheid van het transport.
Voor een hostingklant betekent dit vooral één ding: een server die je vandaag koppelt aan Claude, werkt morgen ook met ChatGPT of Le Chat. Hoe die drie platforms dat precies doen, lees je op de pagina Claude, ChatGPT en Mistral.